Blogging

Trendmatcher … bedankt!

Ik had, net als veel anderen, al afscheid genomen van Willem Karssenberg, maar toen hij zich afvroeg of hij de bijdragen aan zijn afscheidsboek kon delen, dacht ik: ik leg het toch even op mijn eigen blog ook vast.

Dus bij deze:

Beste Willem,

op 9 november 2006 waren we te gast bij Gilde Opleidingen in Venlo voor de platform dag van “BVE-Leren”. Daar vroeg je in de pauze rechtstreeks aan mij “Joël, waarom ga je ook niet bloggen?”. Rechtstreekse vragen werken bij mij het best en tot op dat moment dacht ik dat bloggen iets voor ‘gevorderden’ of ‘bekendere mensen’ was. Het zette wel een knop in mijn hoofd om, waarmee iets op gang gebracht werd! Namelijk dat ik schrijven leuk vind, het mijn eigen leerproces helpt, het kon uitgroeien tot een soort vaste rol als edublogger op conferenties en uiteindelijk ook andere schrijfklussen.

Overigens was het thema van die dag “ICT-ondersteuning in de leeromgeving van de toekomst: Wat betekent dit voor morgen?”. Nog steeds actueel dus en passend bij je alias: TrendMatcher! Jouw blogs hebben dit thema door de jaren heen helpen realiseren, nog afgezien van het ‘netwerk-effect’. Namelijk dat jij bloggen-voor-onderwijs-en-ict op de kaart hebt gezet en anderen net als ik dat ook gingen doen.
Dank voor het aanwakkeren, de samenwerking tijdens conferenties en het onvermoeibaar delen van alles wat je ontdekte!

Geniet van de tijd die voor je ligt!

Even bijpraten met Joël

Ik loop al een tijdje na te denken over mijn blog. De behoefte om te schrijven blijft, alhoewel ik altijd een drempel heb om er aan te beginnen. Vermoedelijk werkt live-bloggen op conferenties daarom zo goed voor me. Aangezien ik tijdens een workshop of keynote maar voor één ding aandacht heb: de inhoud, de spreker en zijn bronnenmateriaal.

Keerzijde is dat mijn blog buiten conferenties om stil blijft, terwijl ik zoveel in mijn hoofd heb dat er uit wil. Het doet me ook goed, het van me afschrijven. Het helpt reflecteren op zaken. Ik vermoed omdat schrijven toch een wat tragere activiteit is dan de hectiek van alle dag.

Even over hectiek, afgelopen 2 jaar heeft onze organisatie de transitie naar de cloud voorbereid, o.a. middels Office 365 en SharePoint. Nu we eenmaal ‘live’ zijn gaat mijn aandacht weer terug naar het architectuurwerk en er komt ook een nieuw Informatieplan aan, dat ik samen met mijn collega informatiemanager aan het schrijven ben. Ik wil in ieder geval de ervaringen van afgelopen twee jaar op het gebied van SharePoint delen. Daarnaast lijkt me ons praktisch gebruik van het negenvlaksmodel interessant voor anderen.

Wordt vervolgd dus!

Blogisch op Facebook

Facebook … ik heb er zo mijn dubbele gevoelens bij. Als actieve gebruiker heb ik er in de privésfeer baat bij voor het onderhouden van contact met familie, vrienden en kennissen. Toch kleven er aan Facebook voor mij een aantal principiële bezwaren, die meer te maken hebben met het gesloten karakter en de creatie van een monopolie die de rest van internet opeet. Als Facebook zijn diensten onwenselijk verandert, failliet gaat of de hele wereld gaat over naar de volgende social-media hype, wat doe je dan met je nauwkeurig bijgehouden timeline? Overigens geldt dit ook in zekere mate voor LinkedIn, Google+ en Twitter. De achterliggende ontwikkeling is volgens mij “How we lost the Web“, zoals zo goed onder woorden gebracht door Anil Dash.

De realiteit is wel dat de meeste mensen anderen volgen middels Twitter of Facebook pagina’s en niet middels een RSS reader. Dus heel pragmatisch: wil je Blogisch ook volgen op Facebook? Check deze pagina en click op Like!

Beeldig merk voor blogisch

Ik zat er al een tijd over te denken. De behoefte aan een eigen beeldmerk groeide in de loop van de tijd. Naast interesse in mijn vakgebied, heb ik altijd veel affiniteit gehad met vormgeving en ontwerp, of het nu gebouwen, meubels of grafische zaken betreft. Ik heb er zeker niet voor doorgeleerd, maar een poging doen om een logo te maken moest wel lukken.

De logo’s die mij het meest aanspreken, hebben de volgende kenmerken:

  • de vormen leggen een verband tussen wat het uitbeeldt en het idee erachter;
  • het gebruik van geometrische vormen boven organische;
  • de toepassing van metaforen of symboliek;
  • het gebruik van negatieve ruimte, zoals hier.

Voor mijn eigen logo moest het ook nog:

  • ruimte bieden voor ontwikkeling. Logo’s kunnen best evolueren in de loopt van de tijd.
  • te tekenen zijn met een eenvoudig tekenpakket of Powerpoint.

Voor het ontwerp doorliep ik de volgende stappen:

  1. Reflectie: Waar staat de naam ‘Blogisch’ voor? Oorspronkelijk is de term ontstaan door een samentrekking van het woord ‘blog’ en ‘logisch’. Ik kwam het tegen in een artikel in Computer Totaal van Volkert Deen. Nu is het woord blog voor mij niet zozeer een kernbegrip, alhoewel ik wel hecht aan het concept timestream. Het kernbegrip ‘logisch’ daarentegen sluit voor mij aan bij begrippen als ratio, intellect en het maken van geïnformeerde keuzes. Voor mijn ‘gevoel’ volgen keuzes vaak logisch uit onderliggende principes. Eenmaal deze principes kennend, zijn keuzes makkelijker te maken. Ik snap ook wel dat het werkelijke leven complexer is en dat ook je eigen emoties keuzes onbewust ‘rationaliseren’. Een uitdaging voor mezelf is dan ook om ogenschijnlijk irrationele beslissingen uit mijn omgeving niet weg te wuiven met het predicaat ‘ridicuul’. Dat lukt me steeds beter door het proces van articulatie, waardevrije analyse en het voordragen van consequenties en opties. Zonder waardeoordeel over voorkeuren, neigingen, historie en sentimenten.
  2. Brainstorm: Welke metaforen zijn er te vinden bij dit kernbegrip? Door mijn achtergrond (docent natuurkunde), welde er al snel een associatie op met de wereld van schakelingen en poorten, zoals we die in electronika en chips vinden. Logische poorten zijn schakelingen die volgens Booleaanse algebra werken. Zo’n poort bekijkt input die uit nullen of enen kan bestaan. Afhankelijk van het type poort is de output óf een 1 óf een 0. Nu zoek ik niet zozeer de vergelijking met zwart/wit situaties en ik wil zeker niet dogmatisch alles indelen in ‘goed’ of ‘fout’. De metafoor zit voor mij vooral in het maken van een keus (output) op basis van kenmerken van de situatie (input), geleid door een bepaalde logica.
  3. Keuze van symbolen: Welke visuele betekenisdragers kent deze metafoor? Ik heb gekozen voor het symbool van de AND-poort en de OR-poort.
  4. Keuze van hoofdkleur: Mijn veranderstijl ligt van nature aan de blauwe kant. Ik zie een organisatie in eerste instantie als machine. Mijn radar voor andere veranderstijlen in mijn omgeving is overigens wel gevoeliger geworden in de loop van de tijd. Blauw associeer ik ook met structuur wat weer aansluit bij mijn zoektocht naar orde, samenhang, integraliteit en overzicht.
  5. Ontwerp: Hoe kan ik deze symbolen zo tekenen dat er een krachtig beeldmerk uit volgt? De symbolen voor beide poorten lijken op elkaar gestapeld een B te vormen. Een verwijzing naar zowel de eerste letter van de merknaam als persoonlijke achternaam.

Bij deze dus:

BlogischLogo - Klein

 

Overzicht van Edubloggers

edublogger-badge-2013

Het bestaat al een tijdje maar ik wilde toch even aandacht geven aan het initiatief van Karin, Willem en Raymond. Zij houden de lijst met edubloggers bij op Edubloggers. Handig om:

  • Snel te ontdekken wie er allemaal over onderwijs schrijft, gesorteerd per sector (PO, VO, MBO, etc.).
  • Snel te ontdekken wat deze bloggers geschreven hebben. Per sector wordt een stroom getoond met een samenvatting van de recentste artikelen en een link daarnaartoe.
  • Deze personen te volgen waar je wilt: op hun eigen blog, op Edublogger of op de hele lijst op twitter.

Zelf heb ik de badge ontvangen en ben er trots op!

Kritisch op Keynotes

Plenaire lezingen of presentaties, ik weet het, horen er nu eenmaal bij. Tenminste als je geen onconferentie organsieert. Je levert interactie in, doordat de werkvorm passiever is. Meestal is er weinig ruimte voor het stellen van vragen.

Wat wil ik daar voor terug? Een boeiende spreker! Met de volgende kenmerken:

  • Spreekstijl: iemand die niet monotoon opleest van papier of powerpointbullets, maar afwisselt in klemtoon, tempo en volume. Iemand die oogcontact maakt met verschillende mensen uit het publiek, die humoristisch is zonder de aandacht op zichzelf te vestigen.
  • Inhoudelijk: iemand die diepgang brengt, geen open deuren intrapt en me verbaasd. Zijn redeneringen niet uit de lucht laat vallen en argumenten niet baseert op mode-anekdotes.

Soms geef je een spreker het voordeel van de twijfel, een spreker die goed bij het thema past, hoeft nog niet bij mij te passen. Al zou ik maar één keer verbaasd worden! En iets te overdenken hebben dat ik zelf al niet bedacht had …

En op basis van vroegere conferenties, alsjeblieft: géén trendwatchers meer. Ik heb helemaal genoeg van mensen die vertellen dat ‘het gebruik van smartphones’ toeneemt en dat ‘de huidige generatie zo goed kan multitasken’ en dit vertellen alsof het iets nieuws is. De conferenties waar ik kom, zitten over het algemeen vol met bezoekers die op de hoogte zijn van technische ontwikkelingen en in hun eigen organisatie voorop lopen. Het heeft geen zin om ze dan te vermoeien met lijstjes die illustreren: alles meer, alles sneller, alles groter tot we in de techno-hemel zijn.

Maar wat nu als ik live-blog over een keynote die me niet kan boeien of verbazen? Ik merk dat ik dan wel verslag doe, relatief neutraal, maar niet echt beschouwend schrijf. Daarnaast is het tempo bij live-bloggen ook net iets te hoog om een potje te gaan reflecteren. Ik heb wel het voornemen om in de toekomst opbouwend kritischer te schrijven.

Overigens is het vinden van een goede keynote spreker zeker niet makkelijk. Boeiende sprekers die diepgang combineren met een aangename spreekstijl hebben drukke agenda’s. Maar toch…

Ik wil gewoon …

In het verleden heb ik wel vaker geschreven over informatiebehoefte en functionaliteitswensen en de manier waarop een gesprek hierover start. Deze begint altijd met “Ik wil gewoon…”. Het impliceert eigenlijk dat:
– het vast niet moeilijk is om te leveren;
– het een wens is die logisch voortvloeit uit iemands werk;
– en dat je als leverancier van informatie of functionaliteit direct begrijpt waar het om gaat.

Soms is dat ook allemaal zo, maar vaker niet. Meer dan eens heb ik meegemaakt dat na articulatie van zo’n ‘nieuwe’ vraag iemand prima uit de voeten kon met de bestaande rapportages of functionaliteit.

Toch knaagt het een beetje… Ergens moeten mensen blijven vragen, de grenzen van functionaliteit blijven opzoeken. Het kan ontwikkeling enorm stimuleren als iemand zich niet neerlegt bij bestaande onmogelijkheden.

Daarmee kom ik in mijn zoektocht naar een format voor mijn blogs op een mogelijke vorm: de ik-wil-gewoon-serie. Aangezien ik me toch meer betrokken voel met de ‘vraagkant’, de wereld van gebruikersgroepen en functioneel ontwerpen en minder met applicatiebouwers en harde IT. De ‘ik-wil-gewoon’ houding kan drammerig overkomen, wat ik zal proberen te vermijden.

De opbouw is als volgt:
– Wat doe ik? Een korte omschrijving van een situatie waarin ik functionaliteit te kort kom.
– Wat kan ik? Om te benadrukken wat al wél mogelijk is.
– Wat wil ik? Om te zeggen wat ik mis.
– Wat vind ik? Als ik toch de behoefte heb te drammen…

Kijken of het iets wordt…

Schrijf en blijf

Het is een beetje rustig hier op mijn weblog. Niet omdat ik last heb van writer’s block, integendeel, af en toe barst mijn hoofd (juist?) van de ideeën, maar ‘het komt er gewoon niet van’.
Wat wel lukt is het live-bloggen op conferenties. Het gebeurt ter plekke en het kost later geen tijd. Daarnaast merk ik dat je tijdens een presentatie of workshop in een soort staat van hyperfocus komt. Dat vind ik gewoon lekker. Wellicht komen er stofjes vrij of zo die dat veroorzaken.

Nu zijn er 2 dingen die ik als belemmering zie:
– Gebrek aan tijd. Ik schrijf niet heel snel, van gedachte naar woorden duurt even. En ik ervaar het teveel als ‘erbij’ i.p.v. onderdeel van mijn werkzaamheden.
– Gebrek aan focus. Ik blijk alles wel interessant te vinden, maar ik kan niet alles willen volgen. Laat staan er over schrijven.

Voor het eerste heb ik het volgende bedacht:
Er moeten geen technische belemmeringen zijn die ook nog vertragend werken. Hiervoor heb ik een plug-in geïnstalleerd die mij met een snelkoppeling direct een venster biedt om te schrijven, waarmee ik niet naar de site hoef, in te loggen, 3 muisklikken moet doen, etc.
Daarnaast kan ik beter 3 kortere berichten wel schrijven dan 1 lange niet. Oftewel, als ik een onderwerp te breed pak, waarbij alles schijnbaar met alles te maken heeft, dan zie ik van te voren op tegen het schrijfwerk. Het lijkt van te voren te omvangrijk dan.

Wat het tweede betreft:
Ik ben gaan nadenken over welke onderwerpen ik wil schrijven en in welke vorm. Mijn meeste kennis heeft te maken met architectuur en informatie- of functionaliteitsbehoefte. Laat ik me dan daar maar op richten. Qua vorm werd ik geïnspireerd door het blog onderwijsgrafiek. Hierin komt in steeds dezelfde vorm een hele serie berichten. Het zou saai kunnen lijken, maar ik vind het krachtig.
Ik heb 2 vormen in gedachten…
Wordt vervolgd….

Buma Stemra ziet af van YouTube-tax

We kunnen als bloggers weer even opgelucht ademhalen: Buma Stemra ziet, voorlopig, af van de €130 per 6 te embedden filmpjes. Men zou individuele bloggers ‘ontzien’, maar ik schrijf liever toch zonder ontzien te hoeven worden.

“Buma/Stemra ziet voorlopig af van de omstreden licenties voor het embedden van filmpjes, in de volksmond de YouTubetax. Dat is volgens de branchevereniging voor podia en festivals VNPF de uitkomst van gesprekken van Buma/Stemra met VNO/NCW en MKB Nederland.”

Via 3voor12.

Hoe gaat het bloggen?

Ik probeer nu meer dan een jaar het bloggen uit, en nu ik de migratie naar WordPress 2.5 achter de rug heb zag ik dat ik 69 postings heb gemaakt. Ik merk wel dat ik niet dagelijks iets te vertellen heb, dat ik niet schrijf met een speciaal publiek in gedachte, maar meer om mezelf te uiten (ego enzo) en op andere blogs zie ik natuurlijk veel verschillende stijlen. Het nut van bloggen opzich is wel bekend. Mijn gevoel tot nu toe:

  • Soms zie ik blogs waarop men treffend een sfeerimpressie weet te omschrijven, die vindt ik leuk om te lezen maar zelf ben ik er minder sterk in. Het gaat dan meestal om workshop en conferentie beschrijvingen.
  • Soms zoek ik meer diepgang en lees ik graag blogs met achtergronden en opinie etc. Nu heb ik als beta-geek bepaalt geen journalistieke achtergrond en grammatica en spelling, ach dat vond ik nooit belangrijk… (Ik leerde altijd voor spelling tot ik een 9 had, om het vervolgens weer te vergeten en nu ik het bedenk, zo leerde ik ook autorijles. Na 70 lessen reed ik weer hetzelfde als de eerste les zeg maar. Gelukkig slaagde ik de 4de keer in 1 keer) Maar on-topic:
  • Andere soorten berichten zijn meer ‘nieuws-achtig’, maar dan merk ik al snel dat ik readwriteweb, tweakers, techcrunch etc zou gaan zitten herhalen. Of er moet iets ècht unieks te melden zijn. Uniekheid vanuit me werk? OK, onderwijslogistiek en informatiemanagement in het onderwijs implementeren is wel een terrein in beweging, maar uniek is het niet. Overigens merk ik dat ik over informatiemanagement in onderwijs nog maar beperkt kan bloggen, wellicht omdat ik er nog maar een jaar mee bezig ben…
  • Ik heb nu een aantal malen ‘live-blogging’ toegepast: ik merk dat ik dan vrij letterlijk opschrijf wat er inhoudelijk langskomt. Dat lijkt weer een beetje op informeel notuleren.
  • Groepsblog: we vulden bijvoorbeeld onze ervaringen van Design4all op een groepsblog. Goed gevuld, maar daar vindt dan toch geen interactie op plaats. Hoeft wellicht ook niet, we gaan intern daar weer mee aan de gang. Op zich is 1 plek voor organisatiebrede ervaringen verzamelen wel goed.

Kortom: Ik ga zeker door met bloggen, maar zijn er nog tips?