Visualisatie

Doorstroom van primair naar voorgezet onderwijs met Sankey diagrammen

DUO heeft een datadump vrijgegeven met aantallen leerlingen die doorstromen van PO naar VO. Tof, die open onderwijsdata. Net als toen de Vereniging Hoge Scholen kwam met doorstroom data van MBO naar HBO, heb ik ook nu weer Sankey diagrammen gemaakt. Hieronder zie je dit voor de scholen van Voortgezet Onderwijs uit RMC regio 35, inclusieef vestigingsplaats.

PO VO RMC Regio 35

 

 

Het overzicht kan ‘live’ worden bekeken op de site van Fineo, de tool waar deze visualisatie mee gemaakt is. De reden dat ik alleen RMC Regio 35 toon is dat de datadump anders te groot wordt (maximaal 10 MB) en omdat je anders alleen de 10 grootste aanleverende en ontvangende scholen van heel Nederland krijgt. Als je links kiest voor “Instellingsnaam PO” en rechts voor “Instellingsnaam VO” dan kun je met de muis de stromen laten ‘oplichten’.

Als je je eigen school ‘gewoon’ in excel wilt terugzoeken, dan kan dat ook:

  • Download mijn excel bestand van de DUO data.
  • Optie 1: Ga naar tabblad “Draaitabel Ontvangende VO”
  • Kies boven voor het BRIN nummer of naam van de PO school.
  • De ontvangende VO scholen met aantallen verschijnen er onder.
  • Optie 2: Ga naar tabblad “Draaitabel Toeleverende PO”
  • Kies boven voor het BRIN nummer of naam van de VO school.
  • De toeleverende PO scholen met aantallen verschijnen er onder.

Spelen met data en visualisaties, blijft een hobby. Deze keer aangemoedigd door Reinout van Brakel, via zijn blog. ūüėČ

Toelichting van DUO op de telling:

Om het aantal doorstromers te bepalen is in BRON een selectie gemaakt van leerlingen die op peildatum 1 oktober een geldige inschrijving hadden in het primair onderwijs en op peildatum 1 oktober in het jaar daarna een geldige en bekostigde inschrijving in het voorgezet onderwijs. Aan deze groep deelnemers zijn instellingsgegevens uit BRIN gekoppeld.

Beeldig merk voor blogisch

Ik zat er al een tijd over te denken. De behoefte aan een eigen beeldmerk groeide in de loop van de tijd. Naast interesse in mijn vakgebied, heb ik altijd veel affiniteit gehad met vormgeving en ontwerp, of het nu gebouwen, meubels of grafische zaken betreft. Ik heb er zeker niet voor doorgeleerd, maar een poging doen om een logo te maken moest wel lukken.

De logo’s die mij het meest aanspreken, hebben de volgende kenmerken:

  • de vormen leggen een verband tussen wat het uitbeeldt en het idee erachter;
  • het gebruik van geometrische vormen boven organische;
  • de toepassing van metaforen of symboliek;
  • het gebruik van negatieve ruimte, zoals¬†hier.

Voor mijn eigen logo moest het ook nog:

  • ruimte bieden voor ontwikkeling. Logo’s kunnen best evolueren in de loopt van de tijd.
  • te tekenen zijn met een eenvoudig tekenpakket of Powerpoint.

Voor het ontwerp doorliep ik de volgende stappen:

  1. Reflectie: Waar staat de naam ‘Blogisch’ voor? Oorspronkelijk is de term ontstaan door een samentrekking van het woord ‘blog’ en ‘logisch’. Ik kwam het tegen in een artikel in Computer Totaal van Volkert Deen. Nu is het woord blog voor mij niet zozeer een kernbegrip, alhoewel ik wel hecht aan het concept timestream. Het kernbegrip ‘logisch’ daarentegen sluit voor mij aan bij begrippen als ratio, intellect en het maken van ge√Įnformeerde keuzes. Voor mijn ‘gevoel’ volgen keuzes vaak logisch uit onderliggende principes. Eenmaal deze principes kennend, zijn keuzes makkelijker te maken. Ik snap ook wel dat het werkelijke leven complexer is en dat ook je eigen emoties keuzes onbewust ‘rationaliseren’. Een uitdaging voor mezelf is dan ook om ogenschijnlijk irrationele beslissingen uit mijn omgeving niet weg te wuiven met het predicaat ‘ridicuul’. Dat lukt me steeds beter door het proces van articulatie,¬†waardevrije¬†analyse en het voordragen van consequenties en opties. Zonder waardeoordeel over voorkeuren, neigingen, historie en sentimenten.
  2. Brainstorm: Welke metaforen zijn er te vinden bij dit kernbegrip? Door mijn achtergrond (docent natuurkunde), welde er al snel een associatie op met de wereld van schakelingen en poorten, zoals we die in electronika en chips vinden. Logische poorten zijn schakelingen die volgens Booleaanse algebra werken. Zo’n poort bekijkt input die uit nullen of enen kan bestaan. Afhankelijk van het type poort is de output √≥f een 1 √≥f een 0. Nu zoek ik niet zozeer de vergelijking met zwart/wit situaties en ik wil zeker niet dogmatisch alles indelen in ‘goed’ of ‘fout’. De metafoor zit voor mij vooral in het maken van een keus (output) op basis van kenmerken van de situatie (input), geleid door een bepaalde logica.
  3. Keuze van symbolen: Welke visuele betekenisdragers kent deze metafoor? Ik heb gekozen voor het symbool van de AND-poort en de OR-poort.
  4. Keuze van hoofdkleur: Mijn veranderstijl ligt van nature aan de blauwe kant. Ik zie een organisatie in eerste instantie als machine. Mijn radar voor andere veranderstijlen in mijn omgeving is overigens wel gevoeliger geworden in de loop van de tijd. Blauw associeer ik ook met structuur wat weer aansluit bij mijn zoektocht naar orde, samenhang, integraliteit en overzicht.
  5. Ontwerp: Hoe kan ik deze symbolen zo tekenen dat er een krachtig beeldmerk uit volgt? De symbolen voor beide poorten lijken op elkaar gestapeld een B te vormen. Een verwijzing naar zowel de eerste letter van de merknaam als persoonlijke achternaam.

Bij deze dus:

BlogischLogo - Klein

 

Aanspraakmakers bij Cloud-contracten in onderwijs

De keynote¬†door Jan van Noord¬†van de laatste saMBO-ICT conferentie zette mij aan het denken. Waarschijnlijk omdat ik weinig weet van de juridische aspecten van cloud-contracten. Ik denk dat het voor een doorsnee jurist ook geen gesneden koek is. Jan toonde daar een model van mogelijke relaties en moedigde aan deze te beproeven op hun juridische context. Omdat zijn presentatie niet online staat heb ik dit model in mijn eigen stijl nagetekend. Kudos naar Jan dus. Ik heb alleen √©√©n aanpassing gedaan, namelijk in de middenkolom is het blok “Medewerker” toegevoegd. Er is natuurlijk wel een relatie tussen “Medewerker” en “Student” in hun rollen bij het onderwijsproces, maar er is geen formele relatie in de context van ICT, dacht ik.

De Cloud-relatie Kaart

 

Op een rij stellen de verbindingen de volgende relaties voor:

  • Als je eigen IT afdeling diensten aanbiedt (De ‘oude’ situatie zeg maar):
    • Student met de school (instelling): Ik vraag me af of documenten met ICT regels de vorm zouden kunnen hebben van een schoolreglement of een social-media beleid etc. Het formele document zou bij MBO de OOK zijn. Zou hierin ook de rechten en plichten van de ICT context verwoord moeten worden?
    • Medewerker met de school (instelling): De relatie wordt natuurlijk geformaliseerd in het arbeidscontract, althans voor de meesten. Voor vrijwilligers en anderen zou apart aandacht nodig zijn. Ook hier de vraag: hoe zouden IT diensten hier aanbod moeten komen?
  • Als je samenwerkt met andere scholen om gemeenschappelijke IT diensten aan te bieden:
    • Instelling met de “Cloud community”: als een MBO Cloud werkelijkheid zou worden dan zou de eventuele samenwerking of partnerschap allerlei formalisaties kennen verwacht ik.
    • Cloud community met leverancier:¬†Jan verwacht dat je onderhandelingspositie sterker is, als je als branche je¬†verenigd¬†en een soort gemeenschappelijke inkooptrajecten doet. Waarbij je minder in het keurslijf moet van leveranciersvoorwaarden en zelf voorwaarden kunt stellen.
    • Student met Cloud community.
  • Als je rechtstreeks gebruikt maakt van IT diensten van een externe leverancier:
    • Instelling met de cloud-leverancier: beproef je SLA’s op beschikbaarheid van data, de toegankelijkheid voor gemandateerde derden, de technische en organisatorische garanties etc!
    • Deelnemer met de cloud-leverancier: het kan zijn dat de student zelf IT voorzieningen inkoopt, bijvoorbeeld in de vorm van digitale leermiddelen.

Gezien mijn beperkte kennis op dit terrein: zijn er nog aspecten die geheel ontbreken? En hoe zouden deze relaties verder uitgewerkt kunnen worden?

Overigens benadrukte Jan wel dat je als school regie moet voeren over de hele keten. Hierdoor blijft de school ook probleem-eigenaar. Als een school een cloud-dienst organiseert, deze ter beschikking stelt aan een student en er ontstaat een probleem dan kun je als school niet ‘doorverwijzen’ naar je leverancier. Wellicht kun je daar verhaal halen, maar voor de student blijft de school aanspreekpunt.

De Virtuele Desktop Kaart

De visualisatie van deze week gaat over Virtuele Desktops.¬†Er zijn verschillende redenen waarom we Virtuele Desktops nuttig vinden. Sommige ¬†onderwijsapplicaties zijn niet web-enabled en willen we toch ‘Anywhere’ aanbieden. Daarnaast is het geheel beter te beveiligen omdat sommige functionaliteit alleen binnen de desktop-sessies van de instelling zelf bereikbaar is. Maar dan wel op ‘Any Device’. De gebruiker hoeft op z’n eigen apparatuur ook niets te installeren voor z’n werk.

Het volgende scenario wordt denkbaar:

Iemand werkt in de morgen thuis op zijn laptop of tablet. Het beeldscherm toont zijn bureaublad van het werk. Als hij vertrekt wordt deze ‘desktop-sessie’ gesloten. Eenmaal op het werk opent hij op een PC in de klas weer zijn eigen sessie. Al die tijd heeft de server deze ‘slapend’ voor hem bewaard.

De Virtuele Desktop Kaart

Toelichting:¬†Van boven naar onder ga je van de ‘normale’ situatie naar een ‘virtuele’.

Ik wil deze visualisatie gebruiken om te laten zien wat we beloven met de term ‘Virtuele Desktops’. ‘Overal toegang tot je werkplek’ is een belofte, waarvan het concept niet direct wordt begrepen.

Zelf printje maken op hoge resolutie? Download hier.

De Anywhere Kaart

De laatste visualisatie van deze week gaat over het verband tussen apps of applicaties en de soort van verbinding die je met internet hebt. Aan de ene kant probeer ik onderscheid te maken tussen netwerken en tegelijkertijd te duiden of een app dan nog ‘werkt’.

De Anywhere Kaart.

 

Toelichting:

  • Van links naar rechts stellen de bogen de¬†soort verbinding¬†voor.
  • In de bovenste helft levert de school de infrastructuur.
  • In de onderste helft levert de eindgebruiker zelf de infrastructuur.
  • De balken met soorten ‘apps’ tonen of deze ‘het doen’.
    • Die in de browser werken: alles dat web-enabled is, zelf gehost of in de cloud.
    • Die op het device opslaan: de stand-alone applicaties of apps. Dat kan zijn Office, traditionele software met lokale setup en het hele legioen ouderwetse methode- en branchesoftware voor opleidingen.
    • Die kunnen synchroniseren: deze vond ik het vermelden apart waard, omdat het werken en leren faciliteert waar geen internet is.
    • Die een virtueel bureaublad nodig hebben: Als traditionele software zich niet ontwikkelt naar een ‘web-enable’ variant, maar toch noodzakelijk is voor het onderwijsproces, dan zijn er technieken als VDI, remote desktop en Citrix.

Ik wil deze visualisatie gebruiken om te laten zien wat we beloven met de term ‘Anywhere’. ‘Overal toegang tot informatie’ is een grote belofte, die echter wel begrensd is.

Zelf printje maken op hoge resolutie? Download hier.

De ICT Onderwerpenkaart

Voor het ICT Jaarplan waar ik bij betrokken ben, zocht ik nog een ordeningstructuur voor alle onderwerpen die langsvliegen. Na enig peinzen, ben ik tot een lagenmodel gekomen. Deze deelt alle Informatie/Techniek gerelateerde onderwerpen op in de volgende lagen:

  • Sturing: De laag waarin governance over IT plaatsvindt en managementinformatie geborgd ligt.
  • Mensen: De laag die aandacht geeft aan professionalisering, cultuur en gedrag.
  • Processen: De laag die het werk omschrijft en de vraag ‚ÄúWat doen we?‚ÄĚ beantwoordt.
  • Applicaties: De laag die omschrijft waarmee we ons werk doen en de vraag ‚ÄúMet welke systemen?‚ÄĚ beantwoordt.
  • IT Omgeving: De laag die de besturingssystemen en generieke IT systemen (Middle-ware) beschrijft. Hier ligt de vraag ‚ÄúWaarop draaien de systemen?‚ÄĚ.
  • Infrastructuur: De faciliterende nutsvoorziening die dit alles mogelijk maakt.

IT Lagen en Onderwerpen

Ik gebruik het om tijdens dialogen te voorkomen dat ‘alles-met-alles’ te maken heeft, complexiteit te verminderen en activiteiten te kunnen duiden. Er zou best enige discussie mogelijk zijn over de lagen zelf en de schikking van onderwerpen daarbinnen enzo. Belangrijker dan dat het perfect klopt, volgens ieders wereldbeeld, is dat ik een onderlegger heb die werkbaar is.

Zelf printje maken op hoge resolutie? Download hier.

Mijn eerdere visualisaties over Devices en Professionalisering.

Vrijheid, Vaardigheid en Verantwoordelijkheid

Gisteren schreef ik al over het ICT Jaarplan waar ik mee bezig ben. Behalve een visualisatie van devices, heb ik er nu eentje die drie aspecten van de menselijke kant in beeld brengt. Ik had iets nodig dat niet alleen de vrijheid weergeeft aan de ene kant maar ook de randvoorwaarden die er voor nodig zijn aan de andere kant. Een ICT beleidsplan dat begrippen als ‘BYOD‘ en ‘Anytime, Anywhere’ gebruikt, ademt vrijheid. Tegelijkertijd stelt dit ook eisen aan de professionalisering en het verantwoordelijkheidsbesef van mensen.

Vrijheid, Vaardigheid en Verantwoordelijkheid

 

Toelichting:

  • De drie bollen zijn een soort Venndiagram, dat laat zien dat de professional in vrijheid kan handelen, mits hij vaardig en verantwoordelijk is.
  • De vrijheid uit zich in het kunnen kiezen van zijn of haar eigen apparaat en de toegang tot informatie op elke plek en tijdstip.
  • De vaardigheden zijn nodig op de drie terreinen van TPACK.
  • De verantwoordelijkheid heeft te maken met gedrag en informatiebeveiliging. Om te stimuleren dat de juiste informatie gebruikt wordt, het niet in onjuiste handen komt en het verkrijgen ervan geen onevenredig beslag legt op middelen.

Ik wil deze visualisatie gebruiken om mijn pleidooi te ondersteunen: als de vrijheid komende jaren toeneemt, moeten de vaardigheden en verantwoordelijkheden evenredig toenemen.

Zelf printje maken op hoge resolutie? Download hier.

De Device Kaart

Ik ben de laatste tijd bezig met een ICT jaarplan voor onze instelling. Behalve aandacht voor sturing, mensen en processen wordt daarin ook aandacht gegeven aan ‘devices’. Om alles uit elkaar te houden heb ik de onderstaande visualisatie gemaakt. Losjes ge√Įnspireerd op producten van De Argementenfabriek.

Toelichting:

  • De kolommen: De middelste toont de apparatuur. Aan de linkerkant is deze verbonden met situaties waarin de instelling deze niet bezit. Aan de rechterkant juist wel. “Van Ons” is in dit geval van de onderwijsinstelling.
  • De labels: Deze tonen de besturingssystemen (of Operating Systems). De meest ‘gangbare’ zijn vermeld.
  • De “Anywhere” vakken: Deze tonen de locatie van het apparaat.
  • De “Manage” vakken: Deze tonen een kreet die aangeeft wat voor vorm van beheer er is.
  • De pijlen: Er is hier sprake van twee ontwikkelingen:
    • Verticaal: van veel door de instelling beheerde apparatuur naar meer door de eindgebruiker beheerde apparatuur.
    • Horizontaal: van apparatuur van de instelling naar meer van de eindgebruiker of leverancier. (“Van SAAS” genoemd omdat het anders niet in het cirkeltje past ūüėČ )

Ik gebruik deze visualisatie om de dialoog met aanspraakmakers te ondersteunen.

Zelf printje maken op hoge resolutie? Download hier.

 

De oneindige jukebox

Ik heb mijn antenne voor nieuwe vormen van visualisaties altijd aan staan. Soms is de manier van visualiseren interessant, los van het onderwerp waar het over gaat. Nog beter is het als zowel de visualisatie als de inhoud je liggen. In dit geval maakte de combinatie van toegepaste visualisatie en muziek mij nieuwsgierig.

Onderstaand diagram toont het nummer “Locus Priory” (van Saltillo’s album Monocyte) na analyse door de “Oneindige Jukebox”. Het analyseert een track, ontdekt op welke momenten de muziek dezelfde kenmerken vertoont. Op deze tijdstippen kan er gesprongen worden naar een ander deel van de track. Hieronder zichtbaar als lussen. Als je dit willekeurig doet krijg je een oneindig aantal paden door het nummer heen en kan het dus oneindig lang duren.

Als je het wilt horen en zien, klik dan hier.

Het is afkomstig van Echonest, die allerlei muziek-analyses als service bieden. Deze is gebouwd door Paul Lamere, die schrijft over muziektechnologie op zijn blog.