OWD

Peter Joosten op #owd18: Biohacking & de toekomst van het onderwijs

Ik ben vandaag op de Surf Onderwijsdagen in Den Bosch, 1931. Peter Joosten heeft de slotkeynote.

Hij prikkelt met de vraag “Wat is het nut van een activiteit als die niet geregistreerd wordt?”. Nu valt daar veel op af te dingen lijkt me, maar het alles-meten-aan-jezelf is niet meer weg te denken. Peter heeft over de versmelting van mens en technologie geschreven in zijn boek Biohacking.

Hij wil graag menselijk proefkonijn zijn en met zichzelf experimenten uitvoeren. Dus met alle di√ęten en variaties in persoonlijke gewoontes meer te weten komen over jezelf. Conclusie van hem: Niet alles dat nieuw is, is beter. Open deur maar goed besef lijkt me.

Een directe link tussen zijn verhaal en onderwijs is natuurlijk ‘learning analytics’. Zijn bedenkingen:

  • Wat is het effect dat je wilt bereiken? Niet alles wat je kunt meten is waardevol.
  • Blijf correlatie en causaliteit uit elkaar houden. Niet alles wat ‘tegelijk’ speelt heeft echt een verband met elkaar.
  • Blijf kritisch: wil je alles wel meten?

Hij maakt een sprong naar BlockChain, opzich leuk, maar voor mij even onduidelijk hoe dat verband houdt met biohacking. De ultieme vorm van biohacking is die van bewustzijn. Vandaar dat hij een sprong maakt naar Kunstmatige Intelligentie.

Zijn aanmoediging samengevat: blijf experimenteren terwijl je beseft dat technologie niet zaligmakend is.

Peter spreekt kalm, nodigt uit tot nadenken, geeft daar tijd voor en vraagt deelname van de zaal. Je weet wel, met zo’n kubus-microfoon die je kunt gooien. Hij vraagt expliciet aandacht voor ethiek. Een geluid dat ik, terecht, steeds vaker hoor. Ik denk wel dat ik voor meer diepgang gewoon zijn boek moet lezen. ūüėČ

Vragen uit de zaal:

  • Wat met BlockChain en duurzaamheid?
    Er zijn twee kampen in sustainability: terug naar de natuur versus techno-utopisten. Hij neemt dit voortaan mee in zijn presentatie. Geen echt antwoord hoor.
  • Wat staat er op zijn chip-implantaat?
    Eigenlijk is het een usb-stick en nu staat er zijn DNA data op. Hij was vooral nieuwsgierig naar de reacties uit zijn omgeving. Vari√ęren van “Oh leuk” tot Black-Mirror scenario’s.
  • Kun je studenten een veilige leeromgeving aanbieden als je blijft experimenteren?
    Het één sluit het ander niet uit volgens Peter. Kleine stappen, maar geen excuus om niet te doen dus.

Als je Peter vaker wilt horen spreken over onderwijs dan kun je hem hier boeken.

Stekeblind en Oost-Indisch doof? Digitale toegankelijkheid en media op #owd18

Ik ben vandaag op de Surf Onderwijsdagen in Den Bosch, 1931. Martijn Hoeke (Van Hall Larenstein), Arnoud Probst (UvA) en Jantine te Molder (Saxion) geven een workshop over Digitale Toegankelijkheid, namens de SIG Media en Education.

Omdat voor mijn gevoel het onderwerp een ondergeschoven kindje is was ik nieuwsgierig. Ter vergelijking: net als bij AVG zijn er wetten en verordeningen, maar dit krijgt nauwelijks aandacht. We blijven er maar weg mee komen lijkt het wel en mijn laatste blog er over is ruim een jaar oud. Enfin, workshop dus. ūüėČ

De wettelijke achtergrond is te vinden in de Wet Generieke Digitale Infrastructuur nu genoemd “Digitale Overheid” en de WCAG. De Wet Digitale Overheid is van kracht sinds 1 juli 2018, maar geldt niet voor onderwijs, op een directe manier. Wat wel geld is de “Wet Gelijke Behandeling“, daarop is de controle echter reactief. Dus pas na een klacht wordt bekeken of je dit naleeft.

Martijn noemt wel de ‘morele verplichting’ die we als instelling hebben, naar studenten en collega’s met een beperking. Tegelijk ook een kans omdat het iedereen helpt.

Vervolgens moesten we allemaal ‘een handicap’ kiezen, in de vorm van oordopjes, blinddoek of kleurenbrillen. Leuke oefening (niet voor degenen die het echt treft natuurlijk)! Ging als volgt:

  • We bekeken een video ‘met’ handicap. Ik hoorde het dus alleen, want ik had zelf een blinddoek op.
  • Daarna bespraken we wat we dachten te zien en te horen. Erg inzichtelijk omdat blijkt dat relatief kleine zaken zoals muziekjes op de achtergrond je op een verkeerd spoor kunnen zetten.
  • Vervolgens kregen we mogelijke oplossingen mee, zoals voice-over en ondertiteling.

Al met al werkt het ervaren van een handicap erg motiverend. Nodig omdat we in het onderwijs zoveel (digitaal) leermateriaal hebben wat niet zomaar toegankelijk is voor iedereen met een handicap. Overigens zouden leveranciers ervan en uitgeverijen zich wel kunnen onderscheiden als ze meer aandacht geven aan toegankelijkheid.

Arnoud gaf een indruk van de schaal: de UvA heeft ongeveer 70.000 uur aan beeldmateriaal en zochten tooling voor ondertiteling. Dat ga je overigens niet allemaal in 1x toegankelijker maken. De meeste kiezen er voor om alleen nieuw materiaal te ondertitelen of alleen het materiaal voor de student die het echt nodig heeft.

Ze volgden de logische stappen van inkoop, zoals eisen stellen, markori√ęntatie etc. Dat leidde tot zo’n 30 applicaties, waarvan ze er 6 gingen testen. De kwaliteit en performance liep enorm uiteen. De beoordeling ervan is best complex, aangezien spraak-naar-tekst snel leidt tot misverstanden.

Qua implementatie: het lijkt me echt een berg werk om hier structureel pro-actief mee om te gaan en het huidige materiaal reactief te upgraden. Voor mij een fijne workshop met een goede mix van actieve werkvorm en inhoudelijke bagage. Het riep ook veel op bij de aanwezigen op een goede manier.

Ze tippen hun site voor meer informatie https://www.media-and-education.nl/

 

Deborah Nas op #owd18: Disruptieve technologie√ęn in het onderwijs

Ik ben vandaag op de Surf Onderwijsdagen in Den Bosch, 1931. Deborah Nas opent met de keynote.

De term “disruptief” werkt enorm polariserend. De ene persoon is gelijk enthousiast en de ander haakt af of nog sterker, is tegen. Want “het gaat toch om mensen”. Dat is niet voor het eerst in de geschiedenis.¬†Of het nu de uitvinding van het schrift, de krant, telefonie of tv is, de reactie was:

  • Het is slecht voor je geheugen.
  • Het leidt tot Informatie-overload.
  • Sociale innovatie is onwenselijk voor sommigen.
  • Het is slecht voor je hersenen en gezondheid.
  • Het leidt tot inbreuk op je privacy.
  • Het is slecht voor taalvaardigheden.

De basis voor deze reactie kent Deborah toe aan:

  1. Angst is een sterke emotie.
    Angsten werken erg motiverend, negatief weliswaar maar gaan gepaard met sterke emoties.
  2. We redeneren vanuit ons eigen referentiekader.
    Bij al die nieuwe technologie√ęn speelt leeftijd ook wel een rol, niet zozeer omdat je op oudere leeftijd niet innovatief meer kan zijn, maar omdat je referentiekader grotendeels bepaalt wordt in je jeugd. Dat is achteraf de ‘normaal’. Alles dat er na komt is anders of verkeerd. Begrijpelijk, maar je moet je er dus wel bewust van zijn.
  3. Als we het niet begrijpen onderschatten we het.

Deborah loopt daarna met ons de technologietrends door, die ze groepeert in “Digitalisering”, “Platforms”, “Artificial Intelligence” en “3D/AR/VR”. Telkens ge√Įllustreerd met voorbeelden.

AI bijvoorbeeld is nu nog vooral chat-based en deze ‘Virtual Assistants’ zitten op het domein plannen en organiseren. Maar er zijn nog veel groeimogelijkheden op andere domeinen dus.¬†Het groeit dan ook naar het inschatten van emoties en interpretatie van taalgebruik.

√Č√©n gevolg van alle trends is de zogenaamde “Industrie 4.0” en nieuwe manieren van innovatie en samenwerken. Deze zijn vooral sneller en leunen niet op oudere projectmethodieken.

Vragen uit het publiek:

  • Hoe ga je om met de machtspositie van grote platforms? En de ondergang van bestaande omgevingen (waar mensen tevreden over zijn) door relatief kleine spelers die ineens enorm opschalen?
    Deborah zegt “we moeten aan de bal blijven” maar vindt dat moeilijk te concretiseren.
  • Hoe kun je als docent de bomen in het bos onderscheiden?
    Deborah moedigt aan om dit niet bij elke docent neer te leggen. Wijs een paar mensen aan voor onderzoek en experiment. Lijkt mij dat visie en focus op organisatie-niveau nodig is om ook rust te geven tijdens veranderingen.
  • Zijn er voorbeelden van omgevingen die eerst¬†disruptief waren maar nu normaal?
    Ja, alles wat nu gewoon werkt daarvan vergeet je dat het ooit speciaal was.

Ik vond Deborah haar indeling van trends praktisch en de voorbeelden treffend. De vertaling naar onderwijs bleef voor mij steken in ‘studenten leren leren met ict”. De kans om op de emotie in te gaan en hoe je als organisatie daar mee omgaat tijdens veranderingen bleef eigenlijk liggen tot de laatste slotvraag.

Als je Deborah vaker wilt horen spreken over onderwijs dan kun je haar hier boeken.

Informatievoorziening in een bewegende onderwijsorganisatie op #owd17

Niels van der Kam (Axians) vertelt over hoe je ‘in control’ kunt blijven als het onderwijs verandert. Hij werkt hiervoor samen met¬†Ronald Wieman (Universiteit Utrecht). De achtergrond zoals hij die schetst:

  • De informatiebehoefte groeit: sentiment-analyse, instroom, rendement, fraude en risico-monitoring.
  • Het aantal instrumenten om dit te ondersteunen neemt toe. Met kans op wildgroei en versnippering van dashboards en rapportagesystemen.

De Universiteit van Utrecht zette daarom 4 proeftuinen op (met opzet geen projecten). Daarin onderzochten ze de mogelijkheden van BI tooling. Tegelijkertijd wilde men met een agile methodiek deze implementeren.

Elke proof-of-concept duurde 40 dagen, korte doorlooptijd dus, met als resultaat:

  • Voor het SSC: de kwartaalrapportage was vroeger een hoop knip/plakwerk van Excel in Word enzo. Nu genereert het systeem het boekje zelf op basis van de laatste data. Commentaar wordt in het systeem er aan toegevoegd.
  • De onderzoeksportefeuille: een financieel overzicht met uitputting van onderzoeksbudgetten. Die inzichtelijk maakt wat je moet werven om op peil te blijven.
  • Strategisch HR: over de uitstroom, geslacht en aanstellingen. Kleine tussentip van Niels: ze hanteren IBCS, een standaard in het communiceren en tonen van rapportages.
  • Onderwijs met cohort-rendementen met een voor mij nieuwe visualisatie.

De lessons-learned:

  • Zoek een partner in plaats van een leverancier.
  • Analyseer lacunes in de informatievoorziening met het onderwijs zelf.
  • Gebruik √©√©n informatiekanaal.
  • Cre√ęer ‘kampioenen’.
  • De agile aanpak werkte.
  • Denk groot, start klein. Lijkt me open deur maar daarom niet minder waar.
  • Richt governance in.

Keynote #owd17 Learning Analytics: Harnessing Data Science to Transform Education

Ik ben vandaag aan het bloggen op de Onderwijsdagen. De conferentie opent met de keynote van Timothy McKay. Zelf is hij een data-scientist, waar hij, letterlijk, astronomische hoeveelheden van heeft.

Hij opent met wat kengetallen van z’n werkplek: Universiteit van Michigan met “Education at Scale” als missie. Bijna 7000 medewerkers en een budget van 7 miljard, waarvan 1,4 in research zit. Ja poeh, groot hoor. Mooi is wel zijn opmaat naar Learning Analytics. Eerst deed hij onderzoek naar sterrenstelsels, in de 100 miljoenen. Vervolgens keek hij naar z’n studenten en besefte dat hij daar minder van wist dan van het heelal. Vind het zelf altijd fijn als een onderzoeker soort van nederig blijft beseffen wat hij nog niet weet.

Hij vermeld het ‘2 sigma Probleem‘ oftwel hoe vergroot je het effect van het leren afhankelijk van de manier van onderwijzen? En vervolgt met de vraag: “Hoe personaliseer je op grote schaal?”. Het antwoord hierop is een socio-technologische uitdaging. Onderdeel hiervan zijn principes als welke data is relevant, wat zijn de normen bij het vergaren van data in relatie tot autonomie, toestemming en privacy? Hij werkt een paar terreinen uit:

  • Respecteer de rechten en waardigheid van studenten. Hij is tegen ‘predictive analytics’ en moedigt aan niet te kijken naar wat er in de toekomst mis kan gaan maar kijk hoe je kunt oplossen wat niet goed gaat. Verder is hij heel kritisch naar het labelen en categoriseren van individuen. Het schiet altijd te kort omdat de plek van een kenmerk in een tabel lang niet altijd de complexiteit van de werkelijkheid goed weergeeft.
    Daarnaast wil je met de data kunnen spelen zonder dat je de specifieke data van een individu ziet.
  • Weet wat je wilt verzamelen: ze meten vanzelfsprekend examens en aanwezigheid etc. Wat er ‘ontploft’ is de hoeveelheid digitaal vastgelegde zaken zoals ‘clickstreams’ en chats etc. Wat ze eigenlijk willen is een soort portret kunnen samenstellen en dus alleen de data verzamelen die daar aan bijdragen.
    Nog verder gedacht, veel interessanter zijn bijvoorbeeld intellectuele breedte en diepgang in een vakgebied.
  • Analyse: Timothy illustreert heel mooi allerlei vormen van analyses. Welke vakken geven lagere cijfers? Welke groepen (bijvoorbeeld naar geslacht) hebben daar het meest last van? Welke extra lessen geven in welke mate betere cijfers in het vervolg van de leerroute?

Een universiteit waardig, stoppen ze het onderzoek naar hun eigen onderwijs in een volwaardig programma waar meerdere wetenschappers zich mee bezig houden. Het uiteindelijke doel is hun onderwijs gepersonaliseerd waardevoller en effectiever maken.

Timothy vertelt veel en snel zonder onaangenaam te ratelen. Inhoudelijk zou zijn verhaal wel een dag op zich kunnen vullen omdat het zo vol zit met aanwijzingen, waarschuwingen en best-practices.

Update: de sessie is hier na te kijken als video.

Trends in open op #owd17

Ik ben vandaag aan het bloggen op¬†de Onderwijsdagen. De¬†preconferentie¬†heeft een onderdeel over ‘Trends in Open’.¬†Jan-Bart de Vreede (Kennisnet) en Kirsten Veelo (SURF) praten ons bij en dat ging redelijk snel. Heb dus niet alles. ūüėČ

Kirsten hanteert de volgende definitie van adaptief leren:¬†Het juiste materiaal voor de juiste student op het juiste tijdstip! Met als argument dat Open Lesmateriaal dit faciliteert natuurlijk. Mits voor ‘open’ 4 zaken geregeld zijn: Open Content, Open Data, Open Licenties en Open Standaarden.

Wat kunnen onderwijsinstellingen doen om materiaal te openen?

  • Stimuleren om materiaal uit de burolaadjes te halen en organisatorisch dit te faciliteren.
  • Maak vanuit de werkomgeving van de docent het zo laagdrempelig mogelijk het de delen. Integratie dus tussen werkomgevingen en repositories.
  • Ondersteun op de kwaliteit en vragen over auteursrechten.

Wat doen Surf en Kennisnet?

  • Werken aan ontwikkeling van standaarden voor metadata en uitwisseling.
  • Ze werken samen met leveranciers van auteursomgevingen om metadata laagdrempelig toe te kennen.
  • Ze werken samen om in ShareKit, Wikiwijs en ELO’s deze metadata te gebruiken om open leermaterialen te ontsluiten.

Update: de sessie is hier na te kijken als video.

Open leermaterialen in vakcommunity’s op #owd17

Ik ben vandaag aan het bloggen op de Onderwijsdagen. De preconferentie heeft een onderdeel over vakcommunity’s.¬†¬†Robert Schuwer (Fontys Hogeschool ICT),¬†Marja Versantvoort (Fontys Hogescholen) en Annoesjka Cabo (TU Delft) hebben een gesprek met elkaar over hoe je een community levend houdt.¬†

Ze werken samen in zogenaamde Boegbeeldprojecten waarbij onderwijsmateriaal gedeeld wordt tussen instellingen. Annoesjka doet dit bijvoorbeeld met 4 TU’s voor het vak Wiskunde en Marja voor Verpleegkunde. Ze benadrukt het belang van metadatering en kwaliteitscontrole. Anders wordt het gewoon een ‘dropbox’.

Praktische tips:

  • Vraag aan docenten zelf wat ze nodig hebben.
  • Organiseer ook face-to-face bijeenkomsten en workshops om te enthousiasmeren.
  • Gebruik online platformen voor uitwisseling.
  • Een kwaliteitsmodel is niet belemmerend maar kan mensen bevestigen in de vraag of hun materiaal ‘wel goed’ is.
  • Delen is geen doel op zich. Praat wel over de motivatie om te delen.
  • Zoek manieren om mensen te belonen en bezie ze als ‘ambassadeur’.

Reacties uit de zaal:

  • Hoe zit het met repositories: Annoesjka geeft aan dat het materiaal het best zo fijnmazig mogelijk gedeeld moet worden, met metadata. Pragmatisch gezien is het lesmateriaal makkelijker vindbaar als ze gekoppeld worden aan leerdoelen.
  • Hergebruik blijft moeilijk: of de docent is eigenwijs of het arrangeren is ingewikkeld. De structuur per instelling verschilt namelijk.

Wat ik opvallend vind is dat alhoewel het samenwerken in ‘landelijke vakcommunity’s’ al een heel oud fenomeen is, we toch nog steeds zitten met de uitdaging ze levend te houden. Zelf zat ik 15 jaar geleden in de Vakcommunity Natuurkunde VO. Toen al worstelden we met vliegwielwerking, inktvlekverspreiding en de ratio halen/brengen …. dus behalve techniek, kartrekker wellicht ook aandacht voor cultuur nodig?

Update: De sessie is hier als video te bekijken.