MBO2010

Parell bijeenkomst

Ik ben vandaag aanwezig geweest bij een PARELL bijeenkomst en bij deze een impressie.

Er loopt een onderzoek onder bestuurders en hun contactpersonen, over de relatie tussen onderwijs, ict en bedrijfsvoering. In de vorm van interviews. Doel is te achterhalen waar ‘blinde vlekken’ zitten op dit terrein. Ook de betrokkenheid van bestuurders wordt gestimuleerd, door actief  te inventariseren welke vragen er leven op het gebied van onderwijsbedrijfsvoering en flexibilisering. 

Vervolgens vertelt Hans van Honk (Procesmanagement MBO2010) over het streefbeeld 2010 van staatsecretaris OCW:

  • Nieuwe opleidingen zijn goed vormgegeven, de kwaliteit is gewaarborgd en bedrijfsvoering moet op orde zijn.
  • Er is sprake van continue kwaliteisbewaking.
  • De examens zijn goed vormgegeven.

Het doel van procesmangement mbo2010: ROC”s ondersteunen bij modernisering via

  • Ontwikkelen modellen
  • Aansluiten bij initiatieven
  • Gebruik maken van bestaande netwerken.
  • Kern: inventariseren en ter beschikking stellen good practices.

MBO2010 houdt zich bezig met 3 thema’s:

  • Inhoud
  • Professionalisering
  • Bedrijfsvoering

Wat wordt er dan onder bedrijfsvoering verstaan? Hans hanteert de definitie:

“Afgestemd geheel van mensen, middelen, sytemen t.b.v. realisatie doelstellingen en succesvolle uitvoering van processen in onderwijs.”

Afgeleid hiervan is onderwijslogistiek:

“Afgestemd geheel van beschikbaarheid van mensen en middelen t.b.v. succesvolle uitvoering processen in het onderwijs”.

De werkwijze binnen het thema bedrijfsvoering, volgt de volgende stappen: 

Processen -> Functineel Ontwerp -> Instrumenten -> Gebruik

Het complete plaatje is hier terug te vinden en de presentatie van Hans volgt hieronder:

PARELL bijeenkomst

Ik was vandaag bij een PARELL bijeenkomst en er stonden 2 zaken op de agenda: de ervaringen uit de workshops “Flexcollege” die kennisnet heeft gegeven op o.a. ROC Eindhoven en ROC Nijmegen en de stand van zaken binnen TripleA op het gebied van het onderwijslogistieke deel van de bollenplaat.

In de workshops “Flexcollege” wordt een simulatie uitgevoerd. Van te voren wordt in een intake bepaald welke leervragen een CVB heeft. Deze leiden tot onderzoeksvragen die de workshop inhoud geven. Uit de eerste bijeenkomst komen dan voorlopige conclusies die weer als input dienen voor een tweede deel (waarin gekeken wordt naar oplossingsrichtingen). Door je aanbod, personeel etc. vast te leggen in een onderwijsmodel kunnen er bepaalde keuzes ingevoerd worden. De simulatie gaat deze keuzes vervolgens doorrekenen. Een paar opmerkingen:

  • De initiele dataset op het gebied van resources is o.a. afkomstig van ROC Eindhoven. Het blijkt in de praktijk niet storend te zijn om te werken met “andermans cijfers”. Omdat inzicht in de consequenties van bepaalde keuzes voldoende aangrijpingspunten bieden voor beslissingstrajecten.
  • De uitkomst van de simulatie kan een onbetaalbare zijn. Binnen één workshop kun je deze exercitie echter maar 1 keer doorlopen.
  • Kennisnet anonimiseert de leervragen en ervaringen. Vervolgens worden deze gedeeld op MarktplaatsMBO.
  • De workshops kunnen besteld worden. Ze kosten 10 kiloeuro waarvan de helft vergoed wordt uit het MBO2010 programma.

Jeroen Winkelhorst van ROC Nijmegen presenteerde daarna hun specifieke leerpunten:

Praktisch: Het is goed om bij deze workshop mensen te betrekken uit alle lagen en delen van je instelling.

Inhoudelijk voor wat betreft flexibilisering:

  • Het goed regelen van EVC heeft een enorme impact op rendementen en diploma’s. Het veronderstelt wel een organisatie die na het vaststellen van EVC’s er mee om weet te gaan.
  • Meerdere instroommomenten inbouwen heeft een relatief kleine impact op rendement of uitval.
  • Ruimere openstelling van gebouwen in weken door het jaar, heeft slechts een gering effect.
  • Cruciaal is een goed gevulde onderwijscatalogus en daar te zoeken naar standaarden.
  • Sommige flexibiliseringmaatregelen leiden niet tot hogere rendementen, maar zijn misschien wel wenselijk voor de klanttevredenheid.
  • Op niveau 3, 4 is meer behoefte aan flexibilisering in zijn algemeenheid dan op niveau 1, 2.
  • Er bestaat de valkuil om teveel te denken vanuit de huidige situatie en dan proberen te flexibiliseren, ipv echts iets nieuws te verzinnen.

Eigen indruk: ik verwacht dat de workshops zeker bijdragen aan het spelen en stoeien met flexibilisering en mogelijke keuzes. Daarnaast hoop ik dat de vorming van domeinen binnen de MBO sector ook structureel meer ruimte biedt aan flexibilisering. Mijn vraag of domeinvorming van invloed is op de algoritmen in de simulatie zou worden meegenomen.